|
Book now direct with owner! |


Angstig gedrag dat
voortkomt uit een traumatische ervaring tijdens de inprentingsfase (3 tot
8 weken) of de socialisatiefase (8 tot 14 weken), kan moeilijk zo niet
onmogelijk worden behandeld. Ook trauma's uit een latere fase kunnen blijvend
van invloed zijn op het gedrag van de hond. Zo werd onze Bas als pup gebeten
door een volwassen boxer. Het gevolg op langere termijn: Bas, nu 8 jaar,
doorgaans de meest vredelievende hond die je kunt bedenken, vertoont agressief
gedrag naar boxers. Dat lijkt niet op angst, maar de agressie komt wel
degelijk voort uit angst.
.
Angstig gedrag dat voortkomt uit onvoldoende
ervaringen met mensen tijdens de inprentingsfase en de socialiseringsfase
noemen we "kennelsyndroom".
Wat is kennelsyndroom?
.
Bij puppy's die in de inprentingsfase weinig
of geen sociaal contact met mensen hebben gehad, is de inclusiebehoefte
ten opzichte van mensen afwezig of zeer slecht ontwikkeld. We spreken dan
van kennelsyndroom, een verschijnsel dat veel wordt gezien bij honden die
van broodfokkers afkomstig zijn. Het is een syndroom van emotionele inflexibiliteit,
dat zich voordoet wanneer honden tijdens de eerste maanden van hun leven
in omstandigheden worden gehouden waarin zij onvoldoende in contact komen
met mensen. Deze kennelhonden vertonen gedrag dat zich kenmerkt door extreme
en volhardende onderdanigheid en angst, en soms in angstbijten wanneer
zij in een onbekende omgeving worden geplaatst. Zij zullen altijd bang
voor mensen zijn. De gevolgen van slechte socialisering zijn echter voor
een deel afhankelijk van het ras. Een Labrador Retriever is hier minder
gevoelig voor dan veel andere rassen, waarschijnlijk ten gevolge van zijn
natuurlijke "will to please", zijn behoefte om het de baas naar de zin
te maken.
.
In het algemeen kan een hond met kennelsyndroom
niet of nauwelijks omgaan met veranderingen in zijn dagelijkse routine
en omgeving. Hij is buitengewoon schuchter en is bang om te worden aangeraakt.
De indrukken die hij in de inprentingsfase heeft opgedaan blijven hem zijn
leven lang parten spelen. Wat er tijdens deze periode is misgegaan kan
nooit meer ongedaan gemaakt worden. Zonder de juiste training en behandeling
door een ervaren hondentrainer zal hij chronisch gestoord, antisociaal
gedrag vertonen.
Een hond met kennelsyndroom moet leren om
mensen te vertrouwen en met hen om te gaan. Hij is buitengewoon zenuwachtig
en zeer op zijn hoede voor onze welgemeende zorg. Wanneer hij wordt benaderd
zal hij zich proberen te verwijderen, en wanneer dat niet lukt zal hij
zijn staart tussen zijn benen doen. Zijn ogen zijn glazig, zijn oren liggen
plat in de nek, en hij laat vaak wat urine vallen of rolt zich op de rug.
Hij is doodsbenauwd voor het geluid van de televisie of verkeer op straat,
en hij zal proberen weg te lopen. Dit gedrag vertoont hij ker op keer,
zelfs wanneer de televisie de hele dag aan staat en het verkeer de hele
dag door gaat.
Het spreekt voor zich dat een hond met kennelsyndroom
ontzettend ongelukkig is. Hij leeft in een wereld die gewoonweg angstaanjagend
is. Elke poging van jou om hem te helpen, hoe vriendelijk ook, wordt ervaren
als beangstigend en hetzelfde geldt voor alle andere indrukken die hij
tijdens de inprentingsfase heeft moeten ontberen.
.
Hoe wordt kennelsyndroom
behandeld?
.
Om te beginnen: een hond zal nooit genezen
van het kennelsyndroom. De schade die in de inprentingsfase is toegebracht
kan niet ongedaan worden gemaakt. Het enige wat je kunt doen is zijn leven
(en jouw leven met een hond die eraan lijdt) wat aangenamer maken.
Routine is in dit opzicht heel belangrijk.
Omdat een hond met kennelsyndroom niet in staat is om met veranderingen
in zijn routine om te gaan, moeten we die routine omschrijven, om te weten
waar we zijn begonnen. Probeer de volgende vragen te beantwoorden:
.
1. Is de hond bang voor jou?
2. Is de hond bang voor andere mensen in
jouw gezin?
3. Is de hond bang voor mensen in het algemeen?
4. Is de hond bang voor geluiden (stofzuiger,
verkeer, enz.)?
5. Is de hond bang voor andere honden?
6. Bijt de hond als hij bang is?
7. Is er een situatie waarin de hond tamelijk
tevreden en ontspannen is?
.
Zodra je de laatste vraag met “ja”, of “ik
denk het wel” kunt beantwoorden, mag je gaan denken aan een aantal doelen
die je wilt bereiken, maar wees niet te optimistisch. De methode die wij
gebruiken om de hond te trainen wordt “shaping” genoemd (vorming
via successieve benaderingen). Deze methode wordt gebruikt wanneer
bepaald gewenst gedrag niet in één
keer kan worden geleerd. Bij het shapen komen
wij telkens een stapje dichter bij ons doel en wordt de hond gradueel gevormd.
.
Dit zouden dus onze doelstellingen kunnen
zijn:
.
1. Ik wil dat de hond mij vertrouwt en bij
mij op zijn gemak is.
2. Ik wil dat de hond mijn partner vertrouwt
en bij hem op zijn gemak is.
3. Ik wil dat de hond mijn buren vertrouwt
en bij hen op zijn gemak is.
4. Ik wil met de hond kunnen wandelen.
5. Ik wil de hond mee naar de dierenarts
kunnen nemen.
.
Zodra je deze doelstellingen hebt bereikt,
kun je aan volgende doelen gaan denken, maar nogmaals: wees niet te optimistisch.
.
Geef de hond zelfvertrouwen. Zet geen druk
op de hond, geef hem de tijd om jou te leren vertrouwen. Beloon hem elke
keer wanneer hij het gewenste gedrag vertoont. Wanneer jij bezig bent een
band met de hond op te bouwen, laat je dan door niets en niemand afleiden,
niet door de radio, niet door andere honden. Dring jezelf niet op aan de
hond; laat hem naar jou komen wanneer hij daar klaar voor is. Beloon hem
wanneer dat gebeurt. Bestraf de hond nooit! Negeer ongewenst gedrag.
.
Zodra (of als) je in staat bent om met de
hond om het huis te lopen, en zodra (of als) dit een routine is geworden
waar de hond redelijk aan gewend is, kun je de cirkel vergroten, beetje
bij beetje, totdat deze nieuwe cirkel een routine is geworden.
Zodra (of als) het in de buurt wandelen
geen probleem meer is, kun je proberen naar drukkere buurten te wandelen,
maar overdrijf het niet. Vergeet niet dat het moeilijk voor de hond is
om van zijn routine af te wijken en zijn vertrouwde omgeving te verlaten.
.
Wees niet bang om het op te geven. Dit is
geen wedstrijd en je hoeft niet te winnen. Na alle pijn en moeite die je
erin hebt gestoken, na al jouw geduld en frustratie, komt er een tijd dat
je moet toegeven dat dit alles is wat er uit te halen valt, althans voorlopig.
.



